Wie Bali zegt, zegt natuurlijk rijstvelden, tempels en idyllische strandjes. Maar het 'Eiland der Goden' staat ook bekend om de regenwouden, vulkanen, kratermeren en diepe ravijnen. De Indonesische bestemming zorgt voor een ware cultuurshock! Maar wat zijn de bezienswaardigheden die je tijdens je vakantie op Bali écht gezien moet hebben?

De rijstvelden van Jatiluwih staan op de Werelderfgoedlijst van UNESCO.

Bali? Waar ligt dat? 
De afstand tussen Nederland en Bali is ruim 12.000 kilometer. Het Indonesische eiland ligt in Zuidoost-Azië, tussen de eilanden Java en Lombok. Het eiland is iets groter dan Gelderland. Dat lijkt klein, maar afstanden duren in de praktijk door het vaak chaotische verkeer en het onherbergzame gebied langer dan in Nederland.

Bali ligt op ongeveer 17 tot 18 uur vliegen van Amsterdam. Er gaan geen rechtstreekse vluchten, dus je hebt vaak - afhankelijk van de luchtvaartmaatschappij - een overstap. Vaak is dat in Singapore (bij KLM en Singapore Airlines), Istanbul (Turkisch Airlines), Dubai (Emirates), Doha (Qatar Airways) of Kuala Lumpur (Malaysia Airlines). Het vliegveld van Bali ligt in het zuiden van Bali vlakbij de hoofdstad Denpasar.
Start je reis in het zuiden
Het zuiden van Bali is niet alleen het meest toeristisch en ontwikkeld, maar biedt vooral de meeste mogelijkheden om Bali goed te verkennen. Zeker wanneer je niet langer dan een week of anderhalve week op Bali te verblijft, is het zuiden de meest voor de hand liggende locatie. Vanaf hier ben je relatief snel bij veel bezienswaadigheden. Ook kun je gemakkelijk een scooter of georganiseerd transport huren en een taxi nemen. De meest toeristische plaatsen op Bali zijn Kuta, Legian en Seminyak. Met name Australiërs komen hier graag, maar ook Nederlanders zul je hier doorgaans het meeste zien. Andere populaire bestemmingen in het zuiden zijn Jimbaran en Canggu en in het zuidoosten Sanur en het schiereiland Nusa Dua. 

Bij Kuta kun je elke avond de mooiste zonsondergangen zien.

Bezienswaardigheden zuid-Bali
Welke bezienswaardigheden moet je nu echt zien? We beginnen met de highlights in het zuiden van Bali. De bezienswaardigheden zijn prima met een scooter of taxi te bereiken. Let wel op welke taxi je neemt. We hebben een aantal tips voor taxi's op een rijtje gezet.
1. Naar de Uluwatu-tempel met zonsondergang
In het plaatsje Pecatu vind je een oude hindoeïstische tempel op een klif, met schitterend uitzicht over de oceaan. De Uluwatu-tempel is in de 11e eeuw gebouwd om Bali te beschermen tegen boze geesten. Tegenwoordig is het ook een woonplaats voor veel makaken (kleine aapjes). 

Het mooiste is om met zonsondergang naar de tempel te gaan, zo rond 5 uur 's middags. Hoewel het wel het drukst is, is het uitzicht dan geweldig. Bovendien wordt vlak voor zonsondergang (18:15 uur) ook de traditionele Balinese Kecak dans gespeeld. Hiervoor betaal je 100.000 rupia (€ 6,50), maar dat is het zeker waard. De toegang van de tempel zelf kost 50.000 rupia (€ 3,25), inclusief de huur van een sarong. Let goed op je spullen; de apen houden wel van zonnebrillen.
Vanuit Sanur ben je zo'n 150.000 rupia (€ 9,75) kwijt voor een taxi, vanuit Kuta/Seminyak ietsje minder. Houd er rekening mee dat er geen taxi's teruggaan! Vanwege een lokale regel mogen taxi's je alleen afzetten bij de parkeerplaats. Bij de uitgang staan daarom vaak locals klaar die een veel te hoge prijs aanbieden om je terug te brengen. Het loont om andere mensen te zoeken die ook dezelfde bestemming hebben als jij. Voor een ritje met 6 personen naar Kuta/Seminyak ben je dan zo'n 100.000 rupia per persoon kwijt. Met je eigen scooter ervaar je geen problemen.
2. Chillen bij een infinity pool
Naast Ubud vind je de meest waanzinnige infinity pools in de omgeving van de Uluwatu-tempel. The Edge is misschien wel de meest bekende infinity pool van Bali, maar er zijn nog zoveel meer. Bijvoorbeeld El Kabron (foto hieronder), en in het uiterste zuiden vind je naast The Edge ook Six Senses Uluwatu, Omnia Dayclub Bali en The Ungasan. Vaak betaal je tussen de 200.000 en 500.000 roepia (circa € 13 - € 33) per persoon entree. Dat geld dien je dan te besteden aan eten en drinken, dus eigenlijk heb je gratis toegang tot het zwembad mits je je geld besteedt aan eten en drinken.

El Kabron ligt ten noorden van de Uluwatu-tempel.

Hou er rekening mee dat je de infinity pools vaak afgelegen liggen en dat je van te voren goed bedenkt hoe je er komt en vooral weer weggaat. Als je een accomodatie hebt geboekt bij een van bovengenoemde hotels, bieden zij vaak transport aan. Het rijden op een scooter is ook geen straf, want de omgeving rondom Pecatu is verbluffend mooi om met de scooter te rijden.

Met de scooter naar El Kabron in de buurt van Pecatu is geen straf.

Tip: wil je niet betalen voor een infinity pool, dan kun je ook naar Dreamland Beach gaan. Dit strand ligt vlakbij El Kabron en staat bekend om het mooie zand en de hoge golven.
3. Pura Tanah Lot
Nog zo'n tempel die je met zonsondergang moet zien is Pura Tanah Lot, in de plaats Tabanan (20 kilometer ten westen van Denpasar). Deze tempel uit de zestiende eeuw ligt in zee bovenop een rots. Als het eb is, is de tempel te bereiken, hoewel alleen hindoes echt toegang hebben tot de tempel. Voordat je Tanah Lot bezoekt, loop je meestal eerst langs een andere tempel, de Pura Batu Belong. Als je net wanneer de zon onder is gegaan rond het gebied van Pura Batu Belong loopt, zul je zien dat duizenden vleermuizen tevoorschijn komen.

Het nadeel van Tanah Lot is dat de tempel doorgaans erg toeristisch is en daarnaast commercieel aangekleed is met souvenirwinkeltjes en restaurantjes. Bij veel restaurantjes kun je, onder het genot van bijvoorbeeld een Bintang, wel de zonsondergang bekijken. De toegang tot Tanah Lot kost 60.000 roepia (€ 4) per persoon. Een sarong is hier niet verplicht.
4. Het totaal andere Bali bij Nusa Dua
Nog een bijzondere ervaring is een bezoekje aan Nusa Dua. Veel belangrijke (inter)nationale gasten worden op Bali vaak ontvangen op Nusa Dua, dat ligt op het schiereiland Bakut Badung ten zuidoosten van Bali. Zodra je hier bent en de (beveiligde) toegangspoort bent gepasseerd, zul je merken dat alles er totaal anders uitziet dan dat je van Bali gewend bent. Behalve dat het hier een stuk rustiger is dan bijvoorbeeld Kuta, vind je hier schitterende aangeklede tuinen, schone straten, goede wegen en vooral luxe resorts. 
Veel mensen verblijven vooral bij Nusa Nusa om lekker te ontspannen. Dat is geen straf, aangezien er veel mooie strandjes zijn waar je goed in kan zwemmen. Ook zijn er korte wandelroutes aangelegd die leiden naar een 'water blow'. De prijzen voor bijvoorbeeld het huren van een ligbedje of eten en drinken zijn vergelijkbaar met de prijzen die je in Kuta betaalt. Een taxi van Kuta/Seminyak naar Nusa Dua kost zo'n 135.000 roepia (€ 8,80). BlueBird taxi's rijden er gewoon.
Vervolg je reis naar midden-Bali
Als je alle bezienswaardigheden in het zuiden hebt bezocht, kun je kiezen voor een verbijfplaats in Ubud. De bezienswaardigheden die nu aan bod komen zijn ook gemakkelijk vanuit het zuiden te bezoeken, maar vanuit Ubud ben je er net wat sneller. Bovendien is Ubud een leuk stadje!
Ubud
Ubud wordt gezien als het culturele centrum van Bali. De stad ligt niet alleen in het midden van Bali, maar geeft ook de traditionele hindoe-cultuur weer. Behalve bijvoorbeeld de traditionele markt vind je in de omgeving veel tempels, musea en rijstvelden. Ubud zelf is erg toeristisch, maar leuk om bijvoorbeeld een dag te winkelen. Bovendien vind je hier veel hippe restaurants en winkels.

Op de traditionele markt van Ubud kun je van alles krijgen. 

5. Bezoek Ubud Monkey Forrest
Het aantal apen bij de Uluwatu-tempel is niets vergeleken met de hoeveelheid bij Ubud Monkey Forrest. In dit bos, middenin Ubud, leven meer dan 1200 Java-apen! Werkelijk overal slingeren en klauteren de apen langs je heen. Het is raadzaam geen rugzak of zonnebril te dragen, want de kans is groot dat de apen daarmee aan de haal gaan. Ook het contact zoeken met de apen of het geven van eten wordt streng afgeraden. Er zijn enkele toezichthouders die de boel in de gaten houden. Monkey Forrest is naast de habit van de apen ook een mooie bezienswaardigheid om doorheen te lopen. De toegang tot Monkey Forrest bedraagt 80.000 roepia (€ 5,20) per persoon.
6. Loop door de rijstvelden van Jatiluwih
Eén van de hoogepunten van Bali zijn de rijstvelden van Jatiluwih. De rijstvelden liggen op een kleine anderhalfuur rijden van het centrum van Ubud. Jatiluwih staat sinds 2012 op de Werelderfgoedlijst van Unesco en vind ik persoonlijk nog mooier dan de Tegalalang-rijstvelden, die je ook rond Ubud vindt. De rijstvelden liggen tegen de bergen aan en worden omgeven door vele palmbomen. Overigens komt de nasi goring die je op Bali eet, hier waarschijnlijk niet vandaan. Volgens een lokale gids wordt de rijst die hier wordt geoogst voornamelijk geconsumeerd door de locals. 

Je kunt Jatiluwih het beste bereiken via de 'hoofdingang', waar je ook in de buurt kan parkeren. Vanuit Ubud is het zo'n anderhalf uur rijden naar Jatiluwih en vanuit Kuta een kwartier langer. Als je bij de 'hoofdingang' van Jatiluwih bent, kun je uit één van de drie verschillende wandelroutes kiezen. De korte route duurt ongeveer één uur en is door de geasfalteerde weg goed beloopbaar. Bijzonder genoeg is het vaak niet heel druk bij de rijstvelden, waardoor je nog langer kan genieten van het uitzicht. Entree is 40.000 roepia (€ 2,60) per persoon.

7. Bezoek Pura Ulun Danu Bratan aan het meer
Ten noorden van de rijstvelden ligt aan het Bratanmeer de tempel Pura Ulun Danu, gebouwd in 1633. De tempel is één van de meest bekende tempels van Bali en is gewijd aan de godin Danu, de godin van het water, de meren en rivieren. Doordat de tempel op zo'n 1200 meter hoogte ligt, is het hier al gauw 10 graden kouder dan in Ubud. Omdat de tempel in zee ligt, hoef je geen sarong te dragen. De entree is 50.000 roepia (€ 3,25) per persoon. Leuk feitje: door het relatief koele klimaat worden in deze omgeving, als een van de weinige plekken op Bali, aardbeien verbouwd. Verkopers in de omgeving van de tempel bieden je maar al te graag hun zelfverbouwde aardbeien aan.

De Pura Ulun Danu is een hindoeïstische tempel, maar heeft ook een plaatsje voor Boeddha in de tempel.

Tip: meer tempels zien? Ook de Pura Tirta Empul (ten noorden van Ubud), Pura Besakih (vlakbij Gunung Agung) en de Pura Taman Ayun (ten westen van Ubud) zijn de moeite waard!
8. Beklim de Gunung Betur met zonsopkomst
Een bucketlist die iedereen af moet vinken is de beklimming van de Mount Betur bij zonsopkomst. Deze actieve vulkaan ten noorden van Bali, die in 2000 voor het laatst is uitgebarsten, is 1717 meter hoog. Wil je de vulkaan voor zonsopkomst beklimmen, dan moet je vóór 04:00 uur aan de voet van de vulkaan zijn. De klim omhoog duurt ongeveer 2 uur en is vrij goed te doen. Het eerste uur loopt over een grotendeels vlak pad, maar het tweede uur wordt wat steiler en volgt een route over rotsachtig gesteente, met af en toe pittige steile stukken. Wanneer je fit bent, een goede conditie hebt en goede (wandel)schoenen aanhebt, is dit goed te doen. Zorg wel voor warme kleding, want het kan koud zijn. Na een klim van in totaal 2 uur kom je aan op de top en word je beloond met de de schitterende zonsopkomst. Tijd om bij te komen en te genieten.

De zonsopkomst van de Gunung Batur.

Ontbijten doe je ook op de Batur, want door de vulkanische warmte van de vulkaan kun je met gemak een eitje of banaan bakken. De weg omlaag is een stuk makkelijker en duurt een kleine 2 uur. Bovendien is het dan licht en zie je een stuk meer van de omgeving.

Voor deze trip kun je het beste een georganiseerde reis boeken. Meestal word je dan opgehaald van en teruggebracht naar je hotel, en heb je tijdens de beklimming een lokale gids. Vanuit het zuiden van Bali en Ubud is het namelijk nog 1,5-2 uur rijden naar de voet van de berg. Meestal word je rond 02:00 uur opgehaald, waarna om 4:00 uur het klimmen begint. Aan het begin van de middag ben je dan weer terug. De prijs voor deze trip is afhankelijk van het aantal personen dat je inschrijft, maar hou rekening met gemiddeld zo'n 500.000 roepia (€ 35 euro) per persoon.
Heb je nog tijd op Bali over?
Dan is een bezoekje aan de Gitgit-waterval de moeite waard. Deze waterval ligt in het regenwoud in het noorden van Bali en is zo'n 35 meter hoog. Het toeristische plaatje Lovina, dat bekendstaat om de dolfijnen die vlakbij de kust zwemmen, ligt vlakbij. Je kan ook overwegen om Denpasar te bezoeken. Hoewel de hoofdstad druk en vervuild is en je nauwelijks toeristen tegenkomt, kun je hier veel goedkoop sourvenirs en fruit op de lokale markten scoren. De stad stelt zelf verder weinig voor, maar laat door een gebrek aan toeristen wel het echte Balinese leven zien.

Een lokale markt in Denpasar.

Alle highlights gehad?
Er valt nog veel meer te zien! De eilandjes Nusa Lembongan en Ceningan liggen op ongeveer een halfuur varen van Bali en zijn relatief onbekend. Het is er rustig en er zijn veel hotspots te zien. In ongeveer twee dagen heb je beide eilandjes gezien. Het eiland Nusa Penida ligt daar weer naast en is wat groter. Dit eiland moet je absoluut gezien hebben, want er is ontzettend veel te zien! Trek hier minstens 2 a 3 volle dagen voor uit. Heb je nog tijd over en wil je compleet relaxen, kies dan voor de Gili-eilanden ten westen van Lombok. Deze drie paradijselijke eilandjes liggen op 2,5 uur varen van Bali.
Back to Top